ALMELO - Op maandag 10 maart hebben ETC Nederland, Urenco, ZGT en de gemeente Almelo een intentieovereenkomst getekend. Ze willen onderzoeken of ze een warmtenet kunnen ontwikkelen. Dit warmtenet zou restwarmte van bedrijven gebruiken om huizen en andere bedrijven zoals het ZGT te verwarmen.

Gebruik van restwarmte

Warmtenetten zijn belangrijk voor de overgang van aardgas naar duurzame warmtebronnen. Ze maken het mogelijk om restwarmte te gebruiken voor verwarming. Op het bedrijventerrein aan de Bornsestraat is veel restwarmte beschikbaar. Deze warmte komt vrij bij bedrijfsprocessen. Als deze warmte op één plek verzameld kan worden, kan het via een warmtenet naar andere bedrijven en woningen worden getransporteerd.

Kansen voor warmtenet

Urenco is een bijzondere warmtebron omdat de warmte die vrijkomt stabiel en continu is. Dit maakt de warmte geschikt voor een warmtenet. Samen met ETC, ZGT en de gemeente Almelo onderzoekt Urenco of een warmtenet haalbaar is. Dit warmtenet zou bedrijven op het bedrijventerrein, het ziekenhuis en omliggende woonwijken kunnen verwarmen.

Onderzoek naar haalbaarheid

In het afgelopen jaar zijn er analyses gedaan. Hieruit blijkt dat er genoeg restwarmte is voor ongeveer 4.000 woningen. ETC, Urenco, ZGT en de gemeente Almelo willen dit verder onderzoeken. Daarom hebben ze een intentieovereenkomst getekend. Ze zullen afspraken maken over verder onderzoek en samenwerking. De verwachting is dat deze onderzoeken halverwege 2025 klaar zijn.

Samenwerking is essentieel

Wethouder Overmeen-Bakhuis zegt: “We staan voor een grote en complexe opgave richting een gasloze samenleving. Om dat te bereiken is goede samenwerking essentieel. Samen werken aan een toekomstbestendig Almelo. Daarom ben ik erg blij met deze volgende stap richting een warmtenet.”

Volgende stappen

Met de intentieovereenkomst gaat het project een volgende fase in. Er wordt verder onderzoek gedaan naar een sluitende businesscase en de risico’s worden geïnventariseerd. Ook woningcorporaties worden bij het vervolg betrokken. Er moet gekeken worden naar een entiteit die de aanleg, exploitatie en levering van warmte kan organiseren. De verwachting is dat deze onderzoeken medio 2025 gereed zijn.